In een van mijn eerdere functies werkte ik bij een ingenieursbureau waar ik voor het eerst goed zag hoe verschillende risicoanalyses elkaar kunnen aanvullen. Wat ik daar sterk aan vond, was dat we breed begonnen en daarna de verschillende risico’s in meer detail bekeken.
Begin breed en zoom daarna in
Bij het ontwerpen van een installatie begonnen we met de grote gevaren. Meestal werd daarvoor een HAZID (Hazard Identification) als instrument ingezet. Met een HAZID brachten we vroeg in het ontwerp de relevante gevaren en ongevalsscenario’s breed in beeld, van vrijkomen van toxische stoffen tot overstromingen en van explosies tot cyberaanvallen.
Ook een QRA (Quantitative Risk Assessment) moest meestal worden opgesteld, een brede risicoanalyse die voorgeschreven kan worden door de overheid of die bedrijven zelf als instrument inzetten, om scenario’s met gevaarlijke stoffen (brand/explosie, vrijkomen van toxische stoffen) door te rekenen en de risico’s voor de omgeving te beoordelen.
Als er wat meer detail bekend was, deden we een lay-out HSE review: staat de lawaaiige apparatuur niet te dicht bij de grens van de inrichting? Kun je installatieonderdelen met brandbaar materiaal goed benaderen met blusmiddelen? Staan pompen die H2S bevatten niet te dicht bij vluchtroutes? Staan gebouwen op de meest veilige plek? Voldoet de lay-out aan de normen die je van toepassing hebt verklaard?
Vervolgens zoomden we in op de installatie in meer detail. Waar kunnen branden ontstaan en welke installatiedelen of constructies moeten daartegen worden beschermd? Waar is brandwerende bescherming nodig tegen een pool of jet fire? Waar kunnen brandbare of toxische gassen vrijkomen? En waar is dus gas en vlamdetectie nodig?
En wat gebeurt er als zich een zwaar scenario voordoet terwijl mensen in een gebouw op het terrein aanwezig zijn? Met een Occupied Building Risk Assessment, OBRA, kan worden gekeken welke scenario’s een bezet gebouw kunnen treffen en wat dat betekent voor bijvoorbeeld de locatie, constructie en bescherming van de mensen in dat gebouw.
Met een HAZOP keken we systematisch naar procesafwijkingen. Wat gebeurt er bij bijvoorbeeld te hoge of te lage druk, geen of te veel flow of een te hoge temperatuur? Wat kan daarvan de oorzaak zijn, wat zijn de gevolgen en welke beveiligingen zijn aanwezig?
Als vervolgens de vraag ontstond of de aanwezige beschermingslagen voldoende zijn, kon LOPA (Layer of Protection Analysis) worden toegepast. En met bowties (vlinderdasmodel) kun je belangrijke scenario’s en de preventieve en mitigerende barrières die je hebt ingericht overzichtelijk bij elkaar brengen.

Maar zijn die analyses allemaal gedaan voor de fabriek waar ik nu werk?
Bij een nieuwe installatie kun je deze analyses onderdeel maken van het ontwerp. Bij een fabriek die al tientallen jaren bestaat, is dat minder vanzelfsprekend. Dat is iets waar ik in de praktijk regelmatig tegenaan ben gelopen.
Is bijvoorbeeld ooit systematisch onderzocht waar brandwerende bescherming nodig is? Is goed onderzocht waar gas en vlamdetectie nodig zijn? Zijn de ATEX-gebieden volledig in beeld gebracht? Is gekozen voor een veilige lay-out die voldoet aan de geldende normen? Mijn ervaring is: niet altijd. Is er een OBRA uitgevoerd voor alle gebouwen waarin mensen werken? En als die studie twintig jaar geleden is uitgevoerd, gelden de uitgangspunten dan nog steeds?
Een bestaande fabriek kan in de loop der jaren behoorlijk veranderen. Er komen installaties bij, procescondities veranderen, gebouwen krijgen een andere functie en opslaghoeveelheden kunnen wijzigen. Tegelijkertijd kan de oorspronkelijke kennis verdwijnen. En weet niet iedereen meer precies waarom een detector op een bepaalde plaats hangt of waarom een constructie ooit brandwerend is uitgevoerd.
Die oorspronkelijke kennis is juist waardevol voor operators. Waarom hangt die detector daar? Welk scenario wordt ermee gedetecteerd? Wat betekent een alarm en wat moet ik dan doen? Als die informatie verloren gaat, blijft de maatregel bestaan, maar weten operators minder goed waar ze alert op moeten zijn en hoe ze bij een afwijking moeten handelen.
Daar zie ik zeker ook een rol voor QHSE. Maak een overzicht van relevante risicoanalyses: zijn ze er, zijn ze breed toegankelijk, wanneer zijn ze uitgevoerd, zijn er sindsdien belangrijke wijzigingen geweest en is er dus aanleiding om er opnieuw naar te kijken? Dat geeft in ieder geval zicht op mogelijke gaps. Zorg daarbij ook dat de achterliggende kennis behouden blijft: waarom is een bepaalde barrière aangebracht en tegen welk scenario beschermt deze?
En besef: het feit dat een installatie uitgebreid is onderzocht, betekent niet dat ieder type risico daarmee is afgedekt. Een QRA kijkt vanuit een ander perspectief dan een HAZOP. Juist daarom vind ik belangrijk om vanuit een brede risicoanalyse in te zoomen waar nodig. Iedere analyse heeft zijn eigen doel.
Van installatie naar taak
Naast deze proces en ontwerpgerichte analyses hebben we natuurlijk de RI&E voor de arbeidsrisico’s. Ook daarin kijken we eerst breed naar de arbeidsrisico’s.
Als we dan weer verder inzoomen op een specifieke taak, stellen we voor kritische taken vervolgens een taakrisicoanalyse, TRA, op. Je zet de werkzaamheden stap voor stap op een rij, bepaalt welke gevaren daarbij kunnen optreden en welke maatregelen nodig zijn om die risico’s acceptabel te houden.
Nog verder ingezoomd komt het laatste moment voor aanvang van het werk: de LMRA, de Last Minute Risk Assessment. Klopt wat vooraf is bedacht met de situatie die ik hier aantref? Heb ik de juiste werkvergunning? Zijn de afgesproken maatregelen aanwezig? Zijn mijn vluchtwegen vrij? Is er valgevaar? Zijn er andere werkzaamheden in mijn omgeving die nieuwe risico’s introduceren?
En als de installatie verandert?
Kijk bij elke wijziging welke bestaande veiligheidsstudies door die wijziging kunnen worden geraakt. Moet een deel van de HAZOP opnieuw worden bekeken? Verandert een scenario dat relevant is voor brandwerendheid? Heeft de wijziging invloed op gasdetectie of op een gebouw in de omgeving?
En wanneer heb je genoeg inzicht in de risico’s?
Ik pleit zeker niet voor het uitvoeren van iedere mogelijke risicoanalyse. Stel je als QHSE de vraag welk risico hebben we nu onvoldoende in beeld en op welke manier kunnen we dit risico het beste in beeld krijgen? Het gaat erom wat mij betreft dat je de juiste analyse op het juiste moment en op het juiste niveau uitvoert, en dat de uitkomst daadwerkelijk wordt gebruikt om risico’s beter te beheersen.
Kijk bij bestaande installaties bovendien niet alleen naar de analyses die aanwezig zijn, maar juist ook naar wat mogelijk ontbreekt. Zeker ontwerpgerichte onderwerpen als brandwerendheid, gas en vlamdetectie en de veiligheid van bezette gebouwen verdienen daarbij aandacht. En zorg dat risicoanalyses één geheel vormen en elkaar aanvullen.
Voor mij zijn daarom de belangrijkste Best Practices:
- Kies een risicoanalyse op basis van het specifieke risico dat je nader in beeld wilt brengen.
- Werk van breed naar specifiek en zoom alleen verder in wanneer dat nodig is.
- Breng bij bestaande installaties in kaart welke belangrijke ontwerpgerichte veiligheidsstudies aanwezig zijn, ontbreken of mogelijk verouderd zijn.
- Zorg dat niet alleen de analyse bewaard blijft, maar ook duidelijk blijft waarom belangrijke barrières zijn aangebracht en tegen welk scenario ze beschermen.
- Beoordeel bij wijzigingen welke bestaande risicoanalyses en uitgangspunten opnieuw moeten worden bekeken.
Tot slot
Stel jezelf als je ergens nieuw binnenkomt als HSE manager of specialist, op enig moment de vraag: welke veiligheidsstudies zouden we vandaag in ieder geval uitvoeren als we deze installatie opnieuw zouden ontwerpen? Zijn die studies aanwezig, kijk dan of de uitgangspunten nog kloppen en of de waardevolle informatie eruit nog wordt gebruikt. Ontbreekt een relevante studie, dan betekent dat niet automatisch dat je die alsnog volledig moet uitvoeren. Kijk eerst welke informatie ontbreekt, welk risico daardoor onvoldoende in beeld is en of je die kennis op een andere manier kunt verkrijgen.
Wat doen jullie met studies die ontbreken maar wel essentiële informatie zouden kunnen geven over belangrijke risico’s?